Daniël en Ezechiël tot en met Maleachi

Daniël 7-12

Wees stil voor God, heel de aarde! Buig in ontzag voor uw Koning neer.

Er past ons slechts diep respect voor God en voor Jezus als Jezus straks terug komt als Koning.
Maar hoe zal dat allemaal gaan gebeuren?

Daniël krijgt in visioenen veel te zien over de toekomst. Zoveel zelfs, en in zo’n groot detail, dat er heden ten dage geleerden zijn die beweren dat het boek Daniël niet anders dan vele eeuwen na Daniëls leven geschreven kan zijn; dus niet in de zesde eeuw voor Christus toen Daniël leefde, maar rond 165 v. Chr., toen veel van wat voorspeld wordt in het boek reeds gebeurd was. Ik snap de geleerden wel, want het is verbazingwekkend wat Daniël allemaal vooraf ziet. Maar de toekomstbeschrijvingen in het boek Daniël lopen ook door tot na het moment waarvan wij al afschriften hebben van het boek Daniël! Dus het helpt niet het boek later te dateren. Het blijft even wonderlijk.

In Jesaja 44 vertelt God dat alleen Hij weet wat er komen gaat en Hij zegt vervolgens tegen Zijn volk:
Wees niet bang, laat angst je niet verlammen. Ik ben je God, de Enige. Ik weet wat komen gaat, op Mij kan je vertrouwen!

Met dit in ons achterhoofd, kunnen we gaan kijken naar de beelden die God schetst aan Daniël over zijn en onze de toekomst. Maar ook naar wat andere profeten ons daarover vertellen in de Bijbel. Want Gods werk en doel met ons loopt ook gewoon door in onze tijd. God is en blijft de God van beloofd is beloofd.

In twee visioenen, die Daniël ontvangt enige jaren voor de Meden en Perzen het bewind overnemen van de Babyloniërs, schetst God in grote lijnen de toekomst. Om de visioenen te begrijpen is het belangrijk om je te realiseren dat ze vanuit het perspectief van Israël zijn geschreven. Dus als er over het Zuiden gesproken wordt hebben we het over Egypte en niet over België. En het Noorden wijst naar Syrië. De volken en overheersingen waarover gesproken wordt in de visioenen, hebben betrekking op wat Israël ervaart en dus niet in eerste instantie op wat Europa overkomt. Doe dus alsof je in Israël woont en hoor dan de woorden van het boek Daniël.

 

Het eerste visioen

In het eerste visioen wordt de toekomst aan Daniël beschreven en uitgelegd aan de hand van vier dieren die elk een koninkrijk voorstellen. De rijken volgen elkaar op. Het eerste dier is een leeuw met vleugels als van een arend. Dit dier stelt het Babylonische rijk voor (vergelijk het met het gouden hoofd van het beeld uit de droom van Nebukadnezar). Dit rijk zal echter zijn kracht allengs verliezen (de vleugels worden uitgerukt).
Dan komt een volgend koninkrijk op, voorgesteld door een beer met drie ribben in zijn bek. De beer richt zich aan één kant omhoog. Het dier krijgt opdracht om veel vlees te eten.

Dit dier stelt het rijk van de Meden en Perzen voor (vergelijk het met de zilveren borst en de twee armen van het beeld uit de droom van Nebukadnezar). De Meden en Perzen verslaan Babylonië in 540 v Chr. Ze winnen in hun veroveringstocht nog twee belangrijke veldslagen, namelijk tegen Lydië (in huidig West Turkije) en tegen Egypte. Samen met hun overwinning op Babel (in huidig Irak) zijn deze de drie ribben in de bek van de beer. De Perzen worden binnen het rijk al snel sterker dan de Meden, wat gesymboliseerd wordt door het aan één kant oprichten van de beer. Het vele vlees dat de beer moet eten zijn de vele gevechten die gevoerd worden.

Maar het rijk van de Meden en Perzen houdt op den duur geen stand.
Daniël ziet een derde dier opdoemen: een luipaard. Het dier heeft vier vogelvleugels op zijn rug en het heeft vier koppen. Een luipaard is het snelste zoogdier op aarde en snelheid past bij dit nieuwe rijk. Het zal vliegensvlug zijn macht op aarde uitbreiden. Het gaat hier om het Grieks Hellenistische Rijk dat zich onwaarschijnlijk snel onder Alexander de Grote meester maakte van de hele toen bekende wereld (vergelijk met de bronzen buik en dijen van het beeld uit de droom van Nebukadnezar).

In 334 v. Chr. valt Alexander het Perzische rijk aan uit wraak voor hun mislukte aanval op Griekenland 150 jaar daarvoor door koning Ahasveros (ook Xeres genoemd), die we kennen uit het verhaal van Ester. En binnen ongeveer tien jaar heeft Alexander zijn gebied uitgebreid van Egypte tot aan Indië. Maar dan overlijdt Alexander de Grote plotseling aan een ziekte tijdens zijn veldtocht in 323 v. Chr. Hij heeft geen zonen die hem opvolgen en zijn rijk valt in vier stukken uiteen doordat het wordt verdeeld onder vier van zijn generaals: Kassander, Lysimachus, Ptolemaeus en Seleucus. Zij worden gesymboliseerd door de vier koppen van het luipaard.

Maar ook dit Hellenistische Rijk houdt na verloop van tijd geen stand.
Daniël ziet daarna met afgrijzen een vierde beest opkomen uit de volken, een beest met ijzeren tanden en bronzen klauwen. Het eet, verbrijzelt en vermorzelt alles op zijn weg. Dit stelt het Romeinse Rijk voor dat vanuit Europa eerst politiek en later ook fysiek steeds meer invloed krijgt op het Hellenistische Rijk (vergelijk met de ijzeren benen van het beeld uit de droom van Nebukadnezar). In 64 v Chr. wordt het einde van het Hellenistische Rijk een voldongen feit wanneer Syrië na een veldslag door Pompeius een Romeinse provincie wordt. In 63 voor Christus wordt ook Jeruzalem door Pompeius ingenomen.

Maar, Daniël ziet nog meer over dit beest. Het heeft tien horens en er groeit nog een kleine tussen die er drie van de tien uitdrukt. De kleine horen heeft mensenogen en een mond vol grootspraak. En deze horen voert oorlog tegen de heiligen en overwint hen, zo vertelt het visioen.
De Bijbel legt uit dat de tien horens tien koningen zijn die uit dit koninkrijk zullen opstaan. En verder, dat na deze tien een geheel andere koning zal opstaan die drie koningen zal vernederen. Hij zal grote woorden spreken tegen God. En Gods kinderen, dat zijn de mensen die bij God willen horen, zal hij onderdrukken en te gronde richten. Hij zal proberen om hun godsdienstige feesten en ook de bepalingen die God gegeven heeft te veranderen.
Hier zijn we in de profetie van Daniël op een punt aangekomen, waar we niet alleen Daniels maar ook onze eigen toekomst inkijken. Het visioen spreekt hier over een koning die vecht tegen God en Gods volk, en die zal heersen op aarde vlak voor de terugkomst van Jezus. Deze koning wordt vaak de antichrist genoemd. Hij zal namelijk zichzelf tegen God verzetten en daarin zijn onderdanen zoveel mogelijk proberen mee te nemen.

Alvorens verder te gaan met de duiding van de profetie van Daniël bekijken we nu eerst even iets algemeens over profetieën in de Bijbel.
Profetieën in de Bijbel worden soms meerdere malen vervuld, maar dan niet helemaal volledig. Dit gebeurt vaak als voorafschaduwing, als voorbeeld, van wat gaat komen. In dat geval gebeuren er dingen in het leven van mensen die een deel uitleggen van wat komen gaat. Dit zie je bijvoorbeeld bij de profetieën over Jezus, waar Jozef, de zoon van Jacob, een gedeeltelijk voorbeeld (een type) van Jezus is, maar ook koning David. Beiden laten ze in hun leven een deel zien van hoe Jezus zal zijn, maar geen van beiden zijn ze Jezus. Ze vervullen daardoor een deel van de profetie, als voorbeeld. Maar altijd zal de profetie ook eens volledig tot in elk detail vervuld worden. Pas dan is de profetie voleindigd.

Zoals straks zal blijken als we ingaan op het tweede en derde visioen van Daniël is er ook een type in onze geschiedenis dat iets vertelt over de antichrist (en wellicht inmiddels wel meer!).

Terugkomend op het eerste visioen van Daniël, ook het rijk van de antichrist zal geen stand houden. Daniël ziet God als rechtvaardige Rechter zitting nemen. Hij ziet Zijn vurige toorn. God neemt plaats op Zijn troon terwijl duizenden en duizenden Hem dienen en tienduizenden en tienduizenden voor Hem staan. God opent de boeken.

Gods toorn ontbrandt tegen het beest (de antichrist) en Hij dood hem. Hij geeft hem prijs aan het vuur (van Zijn toorn). Dan ziet Daniël met de wolken van de hemel Iemand komen als een Mensenzoon. Dit, zo weten wij nu, moet Jezus zijn. Jezus noemt Zichzelf later de Mensenzoon die zal komen met de wolken van de hemel(Markus 14: 61,62). Jezus nadert voor God en God geeft Hem het koningschap over de wereld. Alle volken moeten Hem eer brengen.

En Zijn koningschap, vertelt het visioen, zal blijvend zijn, tot in Eeuwigheid!

Wees stil voor God, heel de aarde! Buig in ontzag voor uw Koning neer.

 

Het tweede visioen

Het tweede visioen dat Daniël krijgt beschrijft in detail de overgang van het rijk van de Meden en Perzen naar het Grieks-Hellenistische rijk van Alexander de Grote in 334 v Chr. Het Rijk van de Meden en Perzen wordt in het visioen voorgesteld door een ram met twee horens, waarvan er één groter is dan de andere. Dit symboliseert weer dat binnen het rijk de Perzen al snel sterker zijn dan de Meden. De ram stoot naar het Westen, Noorden en Zuiden, zoals de Meden en Perzen in die richtingen later ook daadwerkelijk hun rijk vergroten.

Dan komt er een bok vanuit het Westen aangesneld, zo snel dat hij de grond niet eens raakt. Hij heeft één heel bijzondere horen (Alexander de Grote) en hij vertrapt de Ram (de Meden en Perzen). De bok maakt zich uitermate groot (het rijk van Alexander breidt zich enorm uit) maar dan breekt plots de grote horen af en komen er vier kleinere voor in de plaats (Alexander sterft en zijn vier generaals verdelen het rijk onderling). Uit één van die vier horens ziet Daniël een kleine horen tevoorschijn komen. Die maakt zich groot naar het Zuiden, naar het Oosten en naar het Noorden en vergrijpt zich zelfs aan Israël.

Nu moeten we even een stukje geschiedenis erbij halen om dit te begrijpen. Eén van de vier generaals van Alexander de Grote, die na de dood van Alexander een deel van het rijk gaat regeren, is Seleucus. Hij heerst over het deel dat ten noorden van Israël ligt. Hij breidt zijn rijk uit ten koste van het zuidelijk deel van het voormalige rijk van Alexander dat onder het gezag staat van Ptolemeus, een andere generaal van Alexander. De oorlogen tussen hen beiden worden Daniël in detail getoond in een derde visioen. Waar eerst Ptolemeus het voor het zeggen had in het gebeid van Israël wordt nu Seleucus heerser over Israël. Ook naar het Oosten en Noorden grijpt Seleucus om zich heen. Het rijk van de Seleuciden wordt groot en omvat uiteindelijk het huidige Syrië, Libanon, Irak, Zuid- en West-Turkije, Iran en Afganistan. In Syrië ligt het zwaartepunt van het rijk, mede vanwege de handelsroutes door dit gebied.

Nu kunnen we verder gaan met de profetie aan Daniël. De kleine horen, zo wordt uitgelegd in het visioen, stelt ook een meedogenloze koning voor, die zich verheft tegen God en Gods volk. Deze koning is achterbaks en vol bedrog en zijn gemene plannen zullen slagen. Hij zal Gods kinderen (Israël)overvallen terwijl ze denken dat ze veilig wonen. Hij zal zelfs het dagelijks offer in de tempel doen stoppen en de tempel neerhalen. Maar hij zal gestopt worden, evenwel niet door een mens.

Ook de derde profetie aan Daniël vertelt over deze verachtelijke koning. Hij wordt koning door te vleien. Mensen denken dat alles veilig is maar hij zal er misbruik van maken. Hij zal verbonden sluiten maar ze net zo makkelijk weer verbreken. Hij bedriegt en bedrijft vriendjespolitiek. Hij zal zich tegen Israël, Gods volk, keren en hij zal de tempel ontheiligen en er een “verwoestende gruwel” in oprichten. De mensen die bij God horen zullen in die tijd veel andere mensen leren over God. Maar de verachtelijke koning zal hen bestrijden met het zwaard en met vuur, hij zal ze beroven en gevangenzetten. Deze gelovigen zullen dan maar weinig hulp krijgen.

Bovenstaande is zomaar een bloemlezing uit wat over de antichrist verteld wordt aan het boek Daniël.

Nu terug naar onze geschiedenis. Is dit deel van het visioen ook al in vervulling gegaan?

Eén van de koningen in de nadagen van het Grieks-Hellenistische rijk van de Seleuciden is Antiochus Epiphanus ( Antiochus IV) die regeerde van 175 tot 164 v Chr.
Epiphanus betekent “verschenen God”. Hij is een voorbeeld, een type, van de antichrist.
Het volgende gebeurt er namelijk.

In de tijd van de overheersing van de Seleuciden in Israël dringt de Hellenistische cultuur en godsdienst steeds verder door in de maatschappij van Israël. Een deel van de Joden verzet zich daar hevig tegen en er ontstaat een politieke strijd die uitmondt in een ordinaire strijd om de macht, ook op godsdienstig terrein. Het ambt van hogepriester wordt uiteindelijk alleen nog bepaald door wie het meeste geld heeft. De koning van de Seleuciden wordt daarin de grootste geldschieter! Uiteindelijk is koning Antiochus IV deze situatie in Israël helemaal zat en besluit hij om de hele godsdienst van de Joden maar af te schaffen. Rond het jaar 168 voor Christus gaat hij naar de tempel in Jeruzalem en bouwt een altaar voor Zeus bovenop het heilige altaar van God en offert er een varken op! Bedenk daarbij dat een varken een onrein dier is voor de Joden.
Deze gruwelijke ontheiliging van de tempel en ook het onmogelijk maken van het brengen van offers aan God wekt zoveel haat op bij de gelovige Joden dat ze in opstand komen (de Makkabeën). Daarop reageert Antiochus Epiphanus met het ombrengen van duizenden Joden. De Joden noemen hem vanaf dat moment niet meer Antiochus Epipahnus, maar Antiochus Epimanus, wat betekent: Antiochus de gek.

Antiochus sterft plotseling aan een ziekte midden in de strijd. Na enkele jaren krijgen de Makkabeeën de tempel weer in handen en wordt ze in 164 v Chr. opnieuw ingewijd. Nog jaarlijks denken de Joden hieraan terug als ze het feest Chanoeka vieren wat toen is ontstaan.

Toch is hiermee nog niet de hele profetie van Daniël in vervulling gegaan ten aanzien van de verwoestende gruwel en het stoppen van het offeren. Jezus refereert zo’n 400 jaar later aan de profetie van Daniël als hij spreekt over de aanstaande verwoesting van de tempel en Zijn eigen wederkomst. Hij waarschuwt (Matt 24:15) zijn discipelen als volgt: Wanneer u dan de gruwel van de verwoesting, waarvan gesproken is door de profeet Daniël, zult zien staan op de heilige plaats – laat hij die het leest, daarop letten! – laten dan zij die in Juda zijn, vluchten naar de bergen, want er zal een ongekend grote verdrukking zijn. Er zal dan zelfs zo’n haast zijn dat je niet eens je spullen meer kunt pakken.

In het jaar 70 n Chr. is de tempel welliswaar door de Romeinen neergehaald en is daarmee opnieuw het dagelijks offer gestopt tot op de huidige dag, maar er is geen verwoestende gruwel in de tempel geplaatst. Dus….de volledige vervulling van deze profetie over de antichrist laat nog steeds op zich wachten. We hebben slechts voorafschaduwingen ervan gezien. Daarmee kunnen we wellicht wel beter herkennen wat komen gaat.

 

Het derde visioen

In het derde visioen wordt Daniël nog meer verteld. De engel Michaël zal het volk van Daniël bijstaan in de tijd van grote onderdrukking tijdens het bewind van de antichrist. Deze onderdrukking zal drie-en-een-half jaar duren. God belooft Daniël dat iedereen zal ontkomen die in het boek (des levens) staat opgeschreven. En zo komen we in het visioen aan bij het oordeel: “Velen die slapen in het stof van de aarde zullen ontwaken. Sommigen tot eeuwig leven en anderen tot smaad, tot eeuwig afgrijzen. En de kinderen van God zullen mogen stralen als sterren.”

Het is geen makkelijke profetie om te begrijpen. Maar God zegt tegen Daniël: Bewaar deze woorden goed tot de eindtijd, want velen zullen het onderzoeken en de kennis zal toenemen.
Nu, terugziende op de geschiedenis, begrijpen we al heel veel van het boek Daniël. Maar het heeft ook nog geheimen met betrekking tot de antichrist die we mogen bestuderen, zodat we deze bedrieger zullen herkennen als het eenmaal zover is.

 

Nog een profetie

Er is nog één profetie die ik jullie zeker niet wil onthouden. Deze is zo accuraat dat het haast niet te bevatten is! Als Daniël in Babel de Joodse Bijbel bestudeert, vindt hij in Jeremia 25 vers 11 en Jeremia 29 vers 10 de belofte dat zijn volk na 70 jaar in Babel te zijn geweest weer terug mag keren naar het eigen land. Daniël gaat op grond van deze belofte bij God schuld belijden voor zijn volk en smeken om deze belofte waar te maken. En dan komt God met een nieuw visioen bij Daniël waarin Hij vertelt over de Verlosser die komt. Ja, Hij vertelt zelfs wanneer de Verlosser zal komen! Dat heeft ook iets met 70 te maken! De Joden zullen na 70 jaar verlost worden, de mensheid na 70 (jaar)weken!

In Daniël 9 vanaf vers 25 staat dat er zeven weken en tweeënzestig weken zullen verstrijken tussen aan de ene kant het moment dat het decreet wordt uitgevaardigd dat Israël terug mag keren naar Juda om Jeruzalem weer op te bouwen en aan de andere kant de komst van de Verlosser, de Vorst.
Hierbij staat het woord “week” eigenlijk voor een periode van zeven tijden, zeven profetische jaren in dit geval. En een profetisch jaar bestaat uit 360 dagen.

Aan het eind van de negentiende eeuw heeft Sir Robert Anderson op basis van deze profetie een berekening gemaakt, gebruik makend van de Hebreeuwse kalender. Op 15 maart 444 v Chr. kregen de Joden (volgens onderzoek van dr. Harold Hoehner, 1978) toestemming om terug te keren naar Juda. Het blijkt dat, als je precies 69 keer 360 dagen telt vanaf die datum, je precies uitkomt op de dag dat Jezus Jeruzalem binnenrijdt op een ezeltje en binnengehaald wordt als koning!
En dat de Vorst op een ezeltje zou binnenrijden wordt weer voorspelt door de profeet Zacharia (Zacharia 9:9)

Hoe goed hadden de Joodse schriftgeleerden in Jezus tijd Jezus kunnen herkennen als ze open en onbevooroordeeld de schriften hadden gelezen! Laat dat een aanmoediging voor ons zijn om de Bijbel echt te bestuderen en te blijven lezen!

De profetie aan Daniël gaat nog verder.
Daarna, zo staat er, zal de Messias uitgeroeid worden, maar niet omwille van Zichzelf.
Zoals wij weten is Jezus vlak na Zijn intocht gekruisigd. Hij liet dit gebeuren om de mensen te redden. Hij gebeurde niet omwille van Zichzelf. Hij was onschuldig.
Daarna, zo staat er, zal er een volk komen dat de tempel zal verwoesten.
Dit is gebeurd in 70 n Chr. door de Romeinen. Opnieuw zijn toen de Joden verdreven en verstrooid onder de volken.

Daarna staat er dat er tot het einde toe oorlog zal zijn en verwoestingen.
We weten inmiddels dat het Joodse volk, Israël en Jeruzalem steeds weer doelwit of middelpunt van oorlog en geweld zijn.

En dan komt het laatste stukje van de profetie. De laatste jaarweek van de zeventig jaarweken gaat in. De antichrist zal een verbond sluiten van één (jaar)week lang , maar hij zal halverwege die (jaar)week de offers in de tempel doen stoppen en bovenop het altaar zal een verwoestende gruwel te zien zijn. Dit zal duren tot het aangekondigde einde van deze periode (drie-en-een-half jaar tot Jezus wederkomst?).

Tot zover deze buitengewoon accurate profetieën uit Daniël die je kunt nalezen in Dan 9: 20-27.

(Notitie in de zijlijn : Bij dit alles toont het boek Daniël ook dat het niet alleen gaat om een strijd tussen mensen onderling in de toekomst en geschiedenis van de aarde. Eigenlijk gaat het nog veel meer om een geestelijke strijd in de hemelse gewesten waar wij bij betrokken zijn. Boodschappers , engelen, die uitleg geven aan Daniël in de visioenen, vertellen dat ze bijvoorbeeld opgehouden zijn door tegenstanders en daardoor later bij Daniël zijn dan ze willen. Ze vertellen ook dat ze meestrijden met de mensen en volken. Het is zoals Paulus zegt in zijn brief aan de Efeziërs: Wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.)

 

Andere profeten

Daniël is niet het enige profetische boek in het oude testament. Er zijn er, naast Jesaja en Jeremia, nog twaalf. Zij zijn stuk voor stuk waarschuwende boeken, die oproepen om dicht bij God te blijven en niet af te dwalen. Ze waarschuwen het volk voor de gevolgen als ze niet naar God luisteren. Maar geven ook hoop en toekomst, zelfs na aanhoudende ongehoorzaamheid van de mensen en God hen “ten einde raad” probeert tot inzicht te brengen door straf. Er is altijd hoop! God zal doen wat Hij heeft beloofd. Kom en blijf dan bij Hem zodat Hij je kan geven wat Hij heeft beloofd.
Vaak spreken de profeten deze boodschap heel specifiek uit met betrekking tot Juda en Israël en omliggende volkeren, maar soms vertellen ze ook over de eindtijd die wij allemaal tegemoet gaan en die ons allemaal aangaat.

Dit laatste wil ik met jullie bekijken aan de hand van de overige profetische boeken in het Oude Testament die we nog niet behandeld hebben. Later in de cursus willen we het boek Openbaringen aan Johannes uit het Nieuwe Testament daar nog naast leggen.

Daarbij vallen een aantal gebeurtenissen op die vaak genoemd worden. Allereerst de verstrooiing van Israël en Juda onder de volken. Maar ook het weer terughalen van de Joden naar Israël. Ook aan de antichrist wordt soms gerefereerd. Heel sterk komt bij veel profeten een laatste massale aanval op Israël naar voren, gevolgd door een oordeel en de wederkomst van Jezus.

Hoe deze zaken door de profeten omschreven worden zullen we hieronder proberen samen te vatten.

Veel profeten voorzeggen dat zowel Israël als Juda in ballingschap zullen worden gevoerd en verstrooid zullen worden onder de volken als ze zich blijven afkeren van God en afschuwelijke afgoden blijven dienen met kinderoffers en tempelhoeren. Helaas luisteren noch Israël, noch Juda naar deze waarschuwingen en worden ze uiteindelijk beide afzonderlijk gedeporteerd naar Mesopotamië en van daaruit verspreid over de hele wereld. Maar een klein deel keert terug naar Juda.

Maar tegelijk belooft God dat Hij zowel heel Juda als Israël (Hos1:11) eens zal terughalen uit al die volken en hen naar het land terug zal brengen dat is beloofd aan Abraham, Izaäk en Jakob. Hij zal er zelfs geen één achterlaten!(Ezechiël 39: 23-29)

Wij leven in een tijd dat we deze profetie in vervulling zien gaan.
De terugkeer van de Joden begon al vlak voor de eerste wereldoorlog. Vooral Joden uit Rusland verlangden naar een eigen staat en verhuisden naar Palestina. Ze kochten in het dunbevolkte, woeste land een stuk grond en vestigden daar onder barre omstandigheden landbouwkolonies. Het was in die tijd nog Turks gebied (het Ottomaanse rijk).

Na de eerste wereldoorlog valt Palestina in Engelse handen. Zij steunen het idee van een Joodse staat. Maar de spanningen met de Arabieren beginnen dan al op te lopen.
Na de tweede wereldoorlog ziet de wereld in dat een eigen staat voor de Joden nodig is om hen veiligheid te bieden. Engeland legt de kwestie voor aan de VN. Zij besluiten tot een twee staten oplossing aan de westzijde van de Jordaan, een Joodse en een Arabische staat. Op 14 mei 1948 wordt de staat Israël officieel erkend.

En nog steeds emigreren er Joden naar het nieuwe land Israël. In 2014 kwamen er 26.500 naar Israël. Er zijn ongeveer 15 miljoen joden in de wereld, waarvan nu ongeveer de helft in Israël woont en een derde in Verenigde Staten van Amerika. In Europa wonen de meeste Joden in Frankrijk.

Naast de terugkeer van Israël leren we uit de profeten over de komst van de antichrist. Daarover hebben we al uitgebreid gesproken aan de hand van het boek Daniël. Een opmerkzaam iemand zal wellicht een probleem hebben met de voorspelling dat de antichrist de offers in de tempel zal doen stoppen en dat er een verwoestende gruwel gezien zal worden in de tempel. Er is nu namelijk helemaal geen tempel meer sinds zij (per ongeluk) is verbrand in 70 na Chr. tijdens de Romeinse aanval op Jeruzalem.

Echter, zoals eerder verteld, liggen de bouwplannen en materialen op dit moment al klaar in Israël om een nieuwe tempel te kunnen bouwen. De profeet Ezechiël ziet in een visioen een groot tempelgebouw, dat vervuld wordt met Gods heerlijkheid. Hij moet alle maten van deze tempel opschrijven. Die maten komen niet overeen met de maten van de eerste tempel van Salomo. De tweede tempel die gebouwd wordt na de terugkomst van de Joden uit de ballingschap voldoet ook niet aan de afmetingen die Ezechiël ziet. De tempel die Ezechiël ziet heeft dus nog nooit bestaan.
De bouwtekeningen die nu klaar liggen zijn bij mijn weten gebaseerd op de tempel van Salomo. Veel Joden denken dat de derde tempel pas gebouwd zal worden na de komst van hun Verlosser en Koning (Jezus komst), maar er zijn ook heel veel mensen die verwachten dat de tempel gebouwd zal worden vlak voor de komst van Jezus, in de tijd van de antichrist. Hoe kan hij immers anders de tempel ontwijden en er een gruwel in plaatsen en de offers doen stoppen? Misschien hebben beiden groepen wel gelijk 

Een geheel andere profetie hebben we nog helemaal niet behandeld. Ze vormt een aanloop naar de climax van Jezus’ terugkomst. Deze profetie is er één die door veel profeten wordt genoemd, net zoals de verstrooiing en het terughalen van het Joodse volk. Ze wordt veel duidelijker en vaker genoemd dan bijvoorbeeld de tempelbouw. Dus let goed op, ze is waarschijnlijk belangrijk en wellicht net zo goed zichtbaar als nu de terugkeer van de Joden naar Israël.

De wereld zal zich namelijk massaal keren tegen Israël en Jeruzalem. En op een moment dat Israël zich veilig waant, zal een volk in het verre noorden (vanuit Israël gezien) valse plannen tegen Israël beramen. Samen met veel andere volken zal het met een groot en sterk leger optrekken om Israël aan te vallen.

Op het moment dat het enorme leger al op de bergen van Israël zal staan om God, via Zijn volk, eens flink in het gezicht te slaan, zal God ingrijpen en het opnemen voor Zijn volk. Op die manier zal God zich nogmaals aan de hele wereld kenbaar maken.

Het zal een donkere zwaarbewolkte dag zijn. Het licht van de zon, maan en sterren zal daardoor verduisterd zijn. Het massaal uitgerukte leger en de heidenvolken die Israël aanvallen beseffen niet dat ze Gods oordeel tegemoet gaan, een oordeel omdat ze Gods volk al die eeuwen zo onderdrukt hebben.

Een heel zware aardbeving zal Israël op dat moment treffen. Bergen zullen instorten en muren omvallen. De olijfberg bij Jeruzalem zal splijten en er zal een groot dal ontstaan van Oost naar West. God roept zijn volk op om door dat dal te vluchten. Het leger op de bergen zal in grote verwarring raken, niet in het minst ook door een vreselijke ziekte die onder de soldaten uitbreekt. Hun vlees, hun ogen en hun tong zullen wegteren terwijl ze nog leven. Ze zullen zo in paniek raken dat ze elkaar te lijf gaan. Er zal een alles wegspoelende regen vallen met hagel, vuur en zwavel. En zo zal Israël overwinnen door ingrijpen van God.

Er zullen die dag enorm veel doden vallen. De dieren en de vogels zullen nadien van de lijken eten omdat ze niet allemaal meteen kunnen worden geborgen. Israël zal 7 maanden nodig hebben om alle lijken te begraven. En zelfs nadien zullen er nog speciale teams blijven om later gevonden menselijke resten alsnog te begraven.

Het vijandige wapentuig dat in paniek is achtergelaten zal voor 7 jaar voldoende brandstof verschaffen voor Israël.

Loopt dit dan voor alle heidenen slecht af?
Nee! Maleachi vertelt dat God zegt dat alle mensen die Hem kennen en ontzag hebben voor Hem, op die dag Zijn eigendom zullen worden. Hij zal ze sparen. Voor hen zal er juist genezing zijn en de langverwachte gerechtigheid. Er staat dat er vele heidenvolken op die dag bij de Heere gevoegd zullen worden (Zach. 2:11) en Hij zal hen tot een God zijn en in hun midden wonen. Ja, Gods kinderen zullen naar buiten gaan en dartelen als kalveren uit de stal (Mal. 4:2)!

OP die dag komt Jezus terug en zal Koning worden over heel de aarde. De Israëlieten zullen Hem zien, Hem die ze doorstoken hebben. Ze zullen om Hem huilen als om een enig kind, een eerstgeborene. Ze zullen Gods Geest en Zijn genade ontvangen. Het land zal gezuiverd worden van afgoden en onreinheid. Alle volken zullen jaarlijks naar Jeruzalem optrekken om voor Jezus te buigen en het Loofhuttenfeest te vieren. Ze zullen er onderwijs van Hem krijgen en leren om te leven zoals God het heeft bedoeld. Doen ze dat niet en verzetten ze zich wederom tegen God, dan zal droogte hun land treffen.

Oorlog zal er niet meer zijn. Wapens worden omgesmolten tot werktuigen en Jezus zal oordelen als er meningsverschillen zijn. Er zal voor iedereen rust en vrede zijn en iedereen kan met een gerust hart genieten van wat hij of zij heeft.

Hoe trouw is God aan Zijn beloften.
Herinner je je de eerste belofte die God aan Abram deed nog, toen Hij hem riep om Zijn land te verlaten en God te volgen (Gen.12: 2,3)? “Ik zal u tot een groot volk maken, u zegenen en uw naam groot maken; en u zult tot een zegen zijn. Ik zal zegenen wie u zegenen en wie u vervloekt zal ik vervloeken; en in u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.”

Wees dan alert en laat je niet meeslepen in de waan van de dag. Weet dat Gods waarheid ons de ogen opent voor wat is en komen gaat. Hij is en blijft de God van Israël. Zo heeft God Zijn rode draad getrokken door de Bijbel en door onze wereldgeschiedenis.

Israël, de steen des aanstoots voor de wereld. Zorg dat jíj je niet vertilt aan deze steen!

God is de God van beloofd is beloofd!
Blijf dan bij Hem, zodat Hij je kan geven wat Hij je beloofd heeft!
En buig in ontzag voor Hem neer.

 

Gebruikte bijbelteksten in dit deel

Teksten over de terugkeer van Juda en Israël uit de verstrooiing onder de volken.
Ezechiël
11: 17, 19, 20
36: 22, 23, 25 – 28
37 geheel
39: 26
Hosea
1:11
9:11
Joël
3:6,7
Micha
2:12, 13
4:6,7
Zefanja
3:20
Zacharia
8:7,8, 12,13
10: 8

Teksten over de aanval op Israël, het oordeel en de wederkomst van Jezus.
Ezechiël
37:12-14
38: geheel
39: geheel
Hosea
2:17
Amos
9:12-15
Joël
2:2, 10
3:9-12, 15, 17
Micha
4:1-3,11-14
5:1-9
7:11-13
Habakuk
3: geheel
Zefanja
1: geheel
2:1-3
3:8-15
Haggai
2:22-24
Zacharia
2:5,10,11,13
6:12,13,15
8:3,4,22
9:9,13-16
10:3-6
12:2-9
13:2
14:2-16
Maleachi
3:2,5,17,18
4:1,2