Categorie Archieven: Levende Woorden

  • -

Levend Woord – december 2016 / januari 2017

Categorie:Levende Woorden

Kijk omhoog naar de hemel, kijk naar de aarde beneden:
de redding die Ik breng zal voor eeuwig blijven en mijn recht zal geen einde hebben.
(Jesaja 51:6)

Hoofd omhoog in bange tijden

Waar gaat het heen met de wereld?

Afhankelijk van welke Bijbelvertaling je leest, wordt er gesproken over een stellig vergaan van de aarde of van een mogelijk vergaan van de aarde. Maar beide vertalingen nodigen uit om om ons heen te kijken hoe het er met de aarde voorstaat. En niet zomaar, want de mogelijkheid bestaat immers in beide gevallen dat de aarde vergaat. Misschien al snel, misschien later?

Sommigen zien het hard gaan. Zo verwachten we in de eindtijd een grote apocalyptische bedreiging en elke keer vragen we ons af: Is dit het soms? Is het de Islam, zijn het de Russen, of, zo dachten we destijds, de Japanners … of nu Trump? Het is niet zo eenvoudig vooraf te duiden. Toch blijft het goed om op te letten, want er zijn weldegelijk gebeurtenissen in de wereld die laten zien dat het einde van de tijd eraan komt en mogelijk zelfs al dichtbij is.

Israël als teken

In Mattheus 24 : 32-35 instrueert Jezus ons zelf om op te letten. Hij vertelt daarbij dat we aan het uitspruiten van de bladeren van de vijgenboom kunnen zien dat de zomer nabij is. En Hij drukt ons op het hart om zo ook op de tekenen van de tijd om ons heen te letten, om te zien wanneer Zijn komst eraan komt.

De vijgenboom staat in de Bijbel symbool voor Israël. Zien we Israël weer uitspruiten? Het is juist in deze tijdsperiode dat Israël als staat en volk weer tot leven komt. Joden keren terug naar hun land, verloren stammen zoals Manasse en Dan worden teruggevonden in India en keren terug naar Israël.

De Jodenvervolging neemt wereldwijd toe, zelfs in Amerika. En een wereldwijde afkeer van Israël wordt steeds meer zichtbaar. Dit past eventueel allemaal in de aanloop naar een te verwachten strijd en aanval op Israël aan het einde van de tijd.

Verspreiding van Gods woord

Ook de verspreiding van het evangelie over de hele wereld is in een vergevorderd stadium. Alhoewel er nog in een aantal talen geen Bijbel is vertaald, betreft het nu toch maar een heel klein deel van alle mensen op de wereld die nog geen Bijbel in hun moedertaal kunnen bezitten. En het evangelie wordt inmiddels ook al lang niet meer alleen via het geschreven woord verspreid. Via radio en internet worden de mensen in de meest afgelegen of afgesloten gebieden, in hun eigen taal, bereikt met het gesproken evangelie en komen tot geloof.

Technologie

Verder ontwikkelt de technologie zich in een razendsnel tempo. Het lijkt op het bouwen van een nieuwe toren van Babel. We zijn er als mensheid van overtuigd dat we binnenkort zelf leven kunnen creëren en dat we onze eigen leeftijdsgrens kunnen uittillen tot ver boven de grens van 120 jaar die God ons ooit gesteld heeft (Genesis 6: 3). Wij bepalen daarbij ook steeds meer zelf welk leven waardevol genoeg is om te leven.

We denken werkelijk alles te kunnen, maar de elektriciteit, het GPS-systeem of internet hoeft maar uit te vallen en we blijken zo kwetsbaar en afhankelijk te zijn als het maar zijn kan. Hoe lang zal God onze hoogmoed nog dulden? En hoe lang zal het nog duren voordat Hij ons leert dat alleen afhankelijkheid van Hem ons redden kan?

Christenvervolging

Ook de christenvervolging neemt snel toe in de wereld, aldus de jaaroverzichten van Open Doors. De Bijbel vertelt ons in Openbaringen dat er in de laatste tijd een enorm grote vervolging zal zijn van de Christenen. Gelukkig treft ons dat hier nu nog niet, maar soms vraag je je af waar het op aan gaat.

Is het niet zo, dat ook wij al gaan voelen dat onze vrijheid om Jezus te dienen ingeperkt gaat worden? Het begon met het fenomeen weigerambtenaar, maar nu is het in sommige branches al lastig om een baan te krijgen als je op zondag vrij wilt zijn voor kerkbezoek.

Voor het mogen evangeliseren op straat in Enschede is toestemming nodig van de winkeliersvereniging, wat inhoudt dat je tijdens het evangeliseren toch steeds de stemming van de omliggende winkeliers in de gaten probeert te houden.

En in tv-programma’s wordt je als christen steeds vaker bespot.

Maar Gods gerechtigheid blijft voor altijd!

Zelfs als de aarde volledig verslijt of vergaat en de mensen bij bosjes sterven, dan nóg blijft Gods gerechtigheid bestaan. Wat is dan toch die gerechtigheid, die nooit verbroken wordt? Gerechtigheid betekent: volgens het recht, rechtvaardigheid. Het houdt in dat je rechtvaardig handelt en iedereen recht doet.

God Zelf is de rechtvaardigheid zelve. Je zult Hem nooit betrappen op het breken van Zijn beloften of op oneerlijk handelen naar iemand. Hij komt juist op voor de mensen die onrecht is aangedaan en Hij veroordeelt het kwaad. Hij is daarin volkomen betrouwbaar, want zijn hele wezen is gerechtigheid. In Jeremia 9: 24b staat:

“Ik ben de HEERE, Die goedertierenheid bewijs, recht en gerechtigheid op de aarde doe, want in die dingen vind Ik vreugde, spreekt de HEERE.”

In het Nieuwe Testament zien we Jezus, die volkomen rechtvaardig is. En door Zijn offer zijn wij ook rechtvaardig voor God, hoeveel wij zelf ook ooit in de fout gingen of nog zullen gaan! Onze gerechtigheid komt niet van onszelf maar van God! En dat allemaal door Zijn Zoon Jezus die als rechtvaardige voor ons stierf! Dat is Gods gerechtigheid die blijvend is.

Maar hoe vaak menen wij nog elkaar te moeten veroordelen op onze daden, en te moeten rechtspreken over elkaar? En hoe vaak trekken we elkaar nog steeds naar beneden door ons menselijk “oordeel” over elkaar? We wijzen op elkaars zonden en daarbij maken we ook nog eens gradaties in zonden: scheiding zou bijvoorbeeld erger zijn dan een rot opmerking maken tegen je partner … Maar, de Bijbel leert ons juist dat als je gezondigd hebt tegen één regel van de wet, je tegen de hele wet gezondigd hebt! (Jacobus 2: 10) Of beeldend gezegd, ook als er een klein gaatje in de voorruit zit, moet de hele ruit vervangen worden.

Het idee van “groot of klein” bestaat eigenlijk niet in de zonden. Eén ongerechtigheid maakt dat je onrechtvaardig bent en dat je niet meer onbevangen voor God kunt verschijnen. En iedereen is daarmee onrechtvaardig in deze wereld. Paulus zegt niet voor niets:

“Er is niemand rechtvaardig, ook niet één.” (Romeinen 3: 10)

Wie zijn wij dan, dat we elkaar zouden beoordelen op zonden? Voor we het weten, zien we onze eigen balk in het oog over het hoofd! En God zal ons met dezelfde strengheid oordelen die wij op elkaar botvieren, waarschuwt Jezus (Mattheus 7: 1-5) Alleen God komt het oordeel toe.

Gods eindoordeel

En hoe dat laatste oordeel eruit ziet kan je onder andere lezen in Openbaring 20: 11-15.
Allereerst oordeelt God ons op basis van wat wij in ons leven gedaan hebben. Maar gelukkig hangt daar ons eeuwig leven niet vanaf! Dat hangt af van het feit of onze naam geschreven staat in het boek des levens, ofwel, of Jezus onze Redder is, of Hij onze gerechtigheid mocht zijn.

Opvallend is wel dat onze goede werken er hier op aarde toch wel toe blijven doen. In Openbaring staat bijvoorbeeld:

“Hier zien we de volharding van de heiligen. Hier komen openbaar die de geboden van God en het geloof in Jezus in acht nemen. En ik hoorde een stem uit de hemel tegen mij zeggen: Schrijf: Zalig zijn de doden die in de Heere sterven, van nu aan. Ja, zegt de Geest, opdat zij rusten van hun inspanningen, en hun werken volgen met hen.” (Openbaring 14: 13).

En over wat die goede werken zoal zijn, kan je lezen in Mattheus 25: 31-46 waar Jezus over het eindoordeel vertelt. Het gaat om omzien naar wie honger heeft of dorst, omzien naar de vreemdeling, de zieke, enzovoorts.

De nieuwe wereld

Als je dan zo je ogen opslaat naar de hemel, en hier beneden de aarde aanschouwt, en als je ziet hoe de aarde en de schepping vertrapt worden evenals veel mensenlevens, dan snap je eigenlijk niet waarom God nog verder gaat met ons. Maar toch, er is een prachtige toekomst!!!

Gods heil blijft namelijk bestaan, zegt de tekst! Door Jezus’ gerechtigheid en offer is er redding, verlossing, bevrijding voor ons en voor heel Gods schepping. Er zal een nieuwe aarde komen en een nieuwe hemel waar volkomen gerechtigheid zal zijn. In Jesaja 11: 6-10 staat een prachtige beschrijving van deze nieuwe wereld:

Dan zal een wolf zich neerleggen naast een lam,
een panter vlijt zich bij een bokje neer;
kalf en leeuw zullen samen weiden
en een kleine jongen zal ze hoeden.
Een koe en een beer grazen samen,
hun jongen liggen bijeen;
een leeuw en een rund eten beide stro.
Bij het hol van een adder speelt een zuigeling,
een kind graait met zijn hand naar het nest van een slang.
Niemand doet kwaad, niemand sticht onheil
op heel mijn heilige berg.
Want kennis van de HEER vervult de aarde,
zoals het water de bodem van de zee bedekt.
Op die dag zal de telg van Isaï
als een vaandel voor alle volken staan.
Dan zullen de volken hem zoeken
en zijn woonplaats zal schitterend zijn.

Van Ad Roos mochten we een prachtige natuurkundige verwoording van het vers “Want de kennis van de HEER vervult de aarde, zoals het water de bodem van de zee bedekt.” ontvangen:

“De kennis van de Heer vervult de aarde; dat moet betekenen dat Gods Heilige Geest overal op aarde aanwezig is. Blijkbaar net zoals water de hele bodem van de zee bedekt. In de Bijbel wordt de Heilige Geest voorgesteld als een gas maar ook als een vloeistof. Hij wordt voorgesteld als een gas als er gesproken wordt over de Geest van God die waait waar Hij maar wil (Johannes 3: 8). En Hij wordt voorgesteld als een vloeistof als gesproken wordt over de doop met de Heilige Geest (Marcus 1: 8). Als dan de Heilige Geest de aarde als een gas bedekt, zoals water de bodem van de zee, dan is de Heilige Geest straks overal om ons heen en ademen wij Gods Heilige Geest met iedere ademteug naar binnen! We ademen voortdurend Gods Heilige Geest in, wat we ook doen of waar we ook mee bezig zijn. Met recht vol van Zijn Geest! Wat een heerlijk vooruitzicht!!!”

Dus er is hoop, er is een prachtige toekomst. En we mogen weten dat, wat er ook gebeurt op deze aarde, God de teugels in Zijn hand heeft en ons, door Zijn gerechtigheid en heil die altijd blijven bestaan, leidt naar die prachtige nieuwe toekomstige wereld, vol van Hem.

Reisadvies

Maar hoe komen we eerst deze moeilijke tijd door? En wat ligt er nog misschien nog voor ons? Moeten wij ons daarop voorbereiden?

Veel is nog duister voor ons, wat betreft hoe de dingen precies zullen gaan verlopen. We kunnen daarover wel lezen in de Bijbel en dat is goed om te doen. Ook elkaar bemoedigen en van elkaar leren is goed. Maar blijven piekeren over de dingen die dan toch nog onduidelijk blijven heeft geen zin. Het is dan goed om te weten dat de Heilige Geest ons ook zal voorbereiden. Zo zien we bijvoorbeeld aan de ene kant een leegloop van de kerken, wat ons zou kunnen verontrusten. Maar tegelijkertijd zien we een breed vertakt netwerk ontstaan van christenen uit heel verschillende geledingen en organisaties die elkaar gaan vinden. De kerkgemeenschappen brokkelen in Nederland schijnbaar af, maar als je er anders naar kijkt, kan je het ook zien als een ontpopping van het lichaam van Jezus dat veel groter blijkt te zijn dan in één kerk past!

Wij mogen in deze onzekere tijd van Petrus leren dat als je met Jezus op de golven van de woedende volkerenzee loopt, je je blik gericht moet houden op Jezus en niet op de dreigende wind, zodat je niet wegzinkt in de zee van wanhoop. (Mattheus 14: 22-36).

Jezus zelf leert ons dit zelfs heel letterlijk in Lucas 21: 25-28. Daar zegt Hij wat we moeten doen als Zijn komst nadert:

En er zullen tekenen zijn in zon, maan en sterren, en op de aarde benauwdheid onder de volken, in radeloosheid vanwege het bulderen van zee en golven. En het hart van de mensen zal bezwijken van vrees en verwachting van de dingen die de wereld zullen overkomen, want de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden. En dan zullen zij de Zoon des mensen zien komen in een wolk, met grote kracht en heerlijkheid. Wanneer nu deze dingen beginnen te geschieden, kijk dan omhoog en hef uw hoofd op, omdat uw verlossing nabij is.

Wanneer de wereld radeloos is en de mensen vol angst, dan mogen wij vol verwachting zijn! Kijk omhoog, sla uw ogen op naar de hemel: Onze Verlosser komt eraan!


  • -

Levend Woord – november 2016

Categorie:Levende Woorden

Elke goede gave en elk volmaakt geschenk komt van God (Jacobus 1:17)

Duizelingwekkende gaven

Duizelig word je ervan, alsof je met hoogtevrees de diepte in kijkt, of met ruimtevrees de eeuwigheid probeert te overzien, als je op je in laat werken welke goede gaven God ons geeft.

Zoals je tijdens een wandeling langs de prachtigste, meest verbijsterende, natuurwondertjes kunt wandelen zonder dat ze je opvallen, tenzij een gids je erop wijst, zo is het ook met de gaven die God ons geeft.

Durf je te kijken?
Jouw warme kleding, jouw eten en je beschuttende huis, ze zijn je gegeven en je gebruikt ze gedachteloos. De vrede in ons land in deze tijd, lieve mensen om je heen, God heeft ze ons zomaar toebedeeld!
Heerlijk, als je kunt genieten van een warme douche. Zomaar … het kan!
Maar ook, wat heerlijk dat God ons een lichaam gegeven heeft dat kan genieten van dat warme water, of van de heerlijke smaak van voedsel, of de zachte warme kleding.

Wat heerlijk dat wij emoties hebben gekregen zodat we kunnen lachen en genieten. Genieten van de lach van een kind, van een aanhankelijke viervoeter of van de prachtige zonsondergang of de imposante wolkenluchten die God ons ook al zomaar geeft! En wat heerlijk dat Hij ons een verstand heeft gegeven waardoor wij kunnen leren en wijsheid en inzicht kunnen ontvangen. Wijsheid en inzicht, ook die krijgen we van God, zomaar voor niets en in overvloed!
En een hart, een hart dat kloppen kan van enthousiasme, een hart dat kloppen kan van verwachting, een hart dat kan overstromen van vreugde en liefde.
Besef toch dat wij de enige schepselen zijn met een geest én een lichaam én een verstand om dat bewust te beseffen en ervan te genieten! Hoeveel heeft God ons mensen gegeven!

En … God geeft het aan iedereen, gelovig of niet, omdat Hij van ons houdt. Van alle mensen!
God geeft ons Zijn liefde, Zijn onvoorwaardelijke liefde! Hij houdt van ons, en dat kan je niet stuk maken. Dat blijft. Hij geeft je Zijn liefde zomaar, gewoon, voor niets.

Hij geeft Zichzelf aan ons in Zijn Zoon, zodat wij het goed zullen krijgen. Hij geeft ons zelfs het eeuwige leven, door Zelf door Zijn Zoon de dood te proeven. Hij geeft ons Zijn Heilige Geest om op Hem te gaan lijken als Zijn kinderen. Daardoor leren we Hem meer en meer kennen!
Hij geeft ons een heel vol geschreven boek om Hem te leren kennen en om ons te helpen te geloven, zodat we kunnen weten dat Hij die van ons houdt er is en er altijd voor ons zal zijn! Hij laat Zichzelf aan ons kennen, door en door.

Wat geeft God ons eigenlijk niet?!
Beseffen we eigenlijk wel dat God de hele wereld geschapen heeft, ja alles om ons heen, alles waar je hart naar uit gaat en wat je mooi vindt, en dat Hij die wereld aan ons gegeven heeft?! Wij mogen er leven, wij mogen ervan eten, wij mogen ervan genieten, wij mogen het proeven, voelen, zien, de vogels horen zingen, de geuren opsnuiven, ja, er middenin leven! En Hij gaf ons zelf dat leven, dat eeuwig is, en dat bedoeld is om voor eeuwig te bestaan in Zijn goede schepping! Hij geeft je Zijn liefde in Zijn nabijheid in Zijn geweldige schepping voor altijd, zonder einde!

Waar dan is een einde aan Gods gaven aan ons? Duizelig word je ervan, want er is geen einde.

Maar in onze wereld is zoveel ellende. Waar zijn dan Gods goede gaven?

In ons leven lijken welhaast alle mooie gaven van God ergens gebroken, gerafeld of geknakt. Hoe herken je een gave van God nog in deze wereld?

Een kenmerk van een gave van God is juist dat het goed, vol en compleet, volledig en volmaakt is. Er hoeft niets meer aan verbeterd te worden of aan toegevoegd. Iemand omschreef het meer gevoelsmatig als iets wat je een rilling over de rug doet lopen en je een “wouw”-gevoel bezorgt, zoals bij het zien van een prachtige lucht of een halo rond de zon, of een vlucht trekvogels in de lucht.

Maar diezelfde trekvogels nemen ook de vogelgriep mee!

Een goed geschenk kan beschadigd worden door Satan of door de mensen. Neem het huwelijk. Het is zo mooi als mensen elkaar trouw beloven, soms zelfs in bijzijn van God! Twee stralende mensen die oprecht hun ja-woord aan elkaar geven. De liefde stroomt en het is een prachtige gave van God dat dit kan en gebeurt.
Maar na verloop van tijd kan die belofte breken. Het kwaad komt ertussen. Is het Satan die dit doet, zijn het onze eigen begeerten, zwakheden of kwetsuren? Satan is sluw en de schuldvraag, …daar komen we niet uit en dat op zich trekt ons zo mogelijk nog dieper de ellende en duisternis in.

Of, soms beweren mensen juist heel openlijk dat ze een (genezings)gave hebben gekregen van God, maar gebruiken die tot eigen verrijking of eer. Ook dat is kwalijk. Gaven van God herken je juist doordat je Gód ervoor danken kunt en je er niets voor terug hoeft te geven of te doen. God vraagt niets terug voor Zijn geschenken. Hij geeft uit liefde.

Het altijd herkennen van een goede gave van God is heus nog niet zo eenvoudig, noch met je verstand, noch met je gevoel.

Neem nu het gevoel van God verlaten te zijn. Dat voelt allerbelabberdst. Komt dat dan niet van God?
Van Hizkia lezen we in dat hij een heel goed vorst was voor Juda, dat hij dicht bij God leefde en het volk ook dicht bij God bracht. God is tijdens zijn regering bij hem en het volk en beschermt hen en geneest hen. Op een gegeven moment echter wordt Hizkia ziek, tot stervens toe. Zoiets afschuwelijks kan toch niet van God zijn!
Op smeken van Hizkia geeft God hem nog vijftien extra levensjaren.
In die extra levenstijd verdwaalt Hizkia echter in hoogmoed. God ziet dat en grijpt in. Er staat in 2 Kron. 32:31 dat God zich (tijdelijk) terugtrekt van Hizkia om hem op de proef te stellen om alles te weten wat er in Hizkia’s hart omgaat. En onmiddellijk struikelt Hizkia in zijn hoogmoed. Hij praalt met al “zijn” rijkdom voor zijn aardse vijand en stort daarmee Gods volk compleet in het verderf. Maar door dit ingrijpen van God ziet Hizkia wel zijn hoogmoed in (Kron. 32: 25,26 en 2 Kon. 20: 14-19) en vernedert zich weer voor God. God ontfermt zich ook weer over hem, maar de gevolgen van zijn hoogmoedige daden blijven wel bestaan.
Wat was nu, achteraf gezien, echt een goed geschenk? De Godverlatenheid misschien toch, ondanks het akelige daarvan? Het (te vroege) einde van Hizkia’s leven dat zich zo bruut aankondigde of toch juist de verlenging daarvan met vijftien jaar? Of misschien was beiden goed maar heeft het eigen verlangen van het mensenhart (in dit geval de hoogmoed) het laatstgenoemde prachtige geschenk van extra leven verziekt?

Het lijkt erop dat wij als mensen op aarde niet zo goed kunnen overzien wat goed is, alhoewel we er toch wel een antenne voor hebben gekregen van God. Wij weten immers genoeg om zelf in onze omgeving het goede te kunnen doen en het goede te kunnen genieten! Laten we God dan verder gewoon vertrouwen in alles wat Hij doet. (Prediker 3: 11-14). Het is goed wat Hij doet, want God is goed.

Als alles goed is wat God doet, hoe kan Hij dan zoveel ellende toelaten?

Voor elk portie verdriet geldt steeds de vraag of het je verstikt of dat het je juist dichter bij God brengt. Verdriet kan echter zo erg zijn, dat je niet meer begrijpt waarom het je allemaal overkomt en waarom God dit allemaal laat gebeuren. Dan rijzen er vragen: Waarom laat God dit gebeuren? Waarom moet dit God?! Bestaat U wel God, als U een liefhebbende en almachtige God bent?! Waar bent U dan?
Vragen, en er lijkt geen antwoord op te komen. Of toch wel?

Er was eens een jongetje aan het spelen met zijn autootje. Plotseling brak het achterasje en kwam het jongetje huilend van verdriet naar zijn vader toe met het kapotte autootje in zijn hand. “Papa, kijk nou eens! Hoe kan dat nou gebeuren?”, huilt het jongetje.
Papa kan nu verschillende antwoorden geven:

  1. Ach kereltje, als je te hard op het autootje duwt, dan kan het autootje dat niet aan en zakt het door zijn achterasje heen. Je hebt te wild gespeeld, jochie, je moet voortaan wat voorzichtiger doen.
  2. Ach jongen, wat erg! Dat is de schuld van de fabrikant. Hij heeft het autootje niet sterk genoeg gemaakt. We gaan onmiddellijk een klacht indienen.
  3. Ach kind, wat erg voor je. Geef je autootje maar aan mij, ik zal eens kijken of ik het kan repareren.
  4. Welk antwoord is het meest liefdevolle antwoord? Welk antwoord doet een lach door de tranen heen breken?

Dat antwoord geeft God ons ook.
Geen volledig antwoord over wie schuldig is of over waarom het ons is overkomen, maar wel een antwoord op onze nood en ons verdriet, namelijk Jezus.
Hij neemt ons lijden in Zijn handen en draagt het mee. Hij zal de uiteindelijke heling geven voor al ons verdriet en lijden en ons leiden naar het eeuwige leven waar al onze tranen voor goed zullen worden afgewist door God. Jesaja vertelt het zo mooi:

Voor altijd doet Hij de dood teniet. God, de HEER, wist de tranen van elk gezicht, de smaad van zijn volk neemt hij van de aarde weg – de HEER heeft gesproken.
Op die dag zal men zeggen: ‘Hij is onze God! Hij was onze hoop: Hij zou ons redden. Hij is de HEER, Hij was onze hoop. Juich en wees blij: Hij heeft ons gered!’
(NBV Jesaja 25: 8,9)

En zo kan je God vinden in vreugde en in verdriet. Beiden kunnen je dichter bij Hem en je broeders en zusters brengen, zoals iemand zeer intens heeft ervaren: “Mijn geloofsleven is heel sterk gegroeid tijdens de stervensbegeleiding van een geliefde. Ik kreeg toen ook veel hulp van mensen en ervoer dat als een goede gave van God.”

En iemand anders na een periode van een gevoel van God verlaten te zijn geweest: “Door de afstand werd mijn verlangen naar Hem alleen maar sterker. In zo’n periode probeer je toch trouw naar de kerk te gaan, te bidden en Bijbel te lezen. Je blijft je hart op de Heer richten, maar het is een worsteling. Als je God daarna weer ervaart, wat voel je je dan ontzettend blij en gelukkig bij Hem!”

En dat alles vanwege Gods allergrootste geschenk dat wij hebben gekregen en zo hard nodig hebben in deze wereld. Paulus vertelt ervan:

De zonde van Adam had grote gevolgen: voor alle mensen kwam de dood.
De straf voor Adam werd dus de straf voor alle mensen.
Maar er is iets gebeurd dat belangrijker is. God heeft ons een groot geschenk gegeven: Jezus Christus.

Door die ene mens is God goed voor alle mensen.
Dankzij Jezus Christus ziet God ons als goede mensen, ook al hebben we veel fouten gemaakt.
Ons leven wordt niet meer bepaald door de zonde van Adam, maar door Gods grote geschenk.

Vanwege de zonde van één mens, Adam, kreeg de dood macht over alle mensen. Maar dankzij één mens, Jezus Christus, zullen wij allemaal eeuwig leven, samen met Hem. Want dankzij Jezus Christus ziet God ons als goede mensen. Dat is Gods grote geschenk voor ons. (BGT Romeinen 5: 15-17)


  • -

Levend Woord – oktober 2016

Categorie:Levende Woorden

Waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid
(2 Korinthiërs 3: 17)

Een impressie van wat dit woord ons bracht.

Allereerst een uitleg van het Schriftgedeelte waaruit het levende woord komt door Ad Roos. Ad had vlak voor het schrijven van dit stukje ontdekt dat de brillenglazen van zijn gewone bril zo verweerd waren dat hij er nauwelijks nog door kon kijken:

“Het Schriftgedeelte uit 2 Corinthiërs 3 beschrijft hoe de Heilige Geest iemands innerlijk begint te bevrijden van een obstakel dat hem/haar het juiste zicht op Gods Woord tot dan toe ontnam, zodra deze persoon tot geloof in Jezus Christus gekomen is. Het juiste inzicht komt bovendrijven en de persoon in kwestie is vrij. Mijn gehavende bril is hier een fraaie metafoor: door de werking van de Heilige Geest krijgt iemand een glasheldere geestelijke bril van de juiste sterkte! Blijkbaar moeten wij die wèl zelf schoonhouden. In deze gebroken wereld is er van alles dat het geestelijke (in)zicht kan vertroebelen en de vrijheid waarover het in het tekstgedeelte gaat kan inperken. Zouden we daar totaal geen rekening mee houden, dan zou de geestelijke bril op den duur beschadigd kunnen worden en geen helder (in)zicht meer bieden.”

Tot zover de letterlijk overgenomen uitleg van Ad Roos. Het vervolg is een samenvatting van bijdragen van vele broeders en zusters.

Vrijheid is niet: je mag alles doen wat je wilt;
vrijheid is als iedereen doet wat Jezus wil, en dat vanuit vrijheid.

Vrijheid betekent in de praktijk:

Vrij van zorg

Waar de Geest van de Heer is, daar is geloof en vertrouwen in God. Dat maakt dat je in tijden van zorg, niet meer als een bezetene te keer gaat om de oplossing die jou voor ogen staat voor elkaar te boksen. Je weet immers dat jouw leven in Gods hand veilig is en je brengt je zorgen keer op keer bij Hem. En warempel…., Gods oplossing blijkt vaak zoveel beter en eenvoudiger dan jij had gedacht! (Jesaja 45: 11-13)

Vrij van angst

Ook angsten vallen weg. God heeft de loop der geschiedenis in Zijn hand. Ja, het zal stormen en woeden op aarde, maar Hij vertelt ons dat dat moet gebeuren en dat we dan juist omhoog mogen kijken naar Jezus die komt. (Spreuken 3: 23-26 en Lucas 21: 25-28)

Vrij van faalangst

Ook faalangst verdwijnt. Als je al iets fout zou doen, waar je jezelf de schuld van zou geven, dan weet je dat Jezus jouw fouten wegdraagt en dat Gods plan toch gewoon doorgaat met jou en met de hele wereld. Zie hoe God bijvoorbeeld doorging met David, na zijn volledig uit de hand gelopen slippertje met Bathseba dat uitliep op moord. Uit datzelfde “besmette” huwelijk wordt Salomo geboren, een vredeskoning die als voorbeeld mag dienen van de grote Vredeskoning Jezus die later toch juist uit dit “foute” huwelijk voort zal komen. Gods vergeving en herstel is in Jezus grenzeloos! (2 Samuël 11: 1 – 12: 25)

Vrij van verlegenheid en minderwaardigheidsgevoel

De zorg en liefde van God aan jou geeft je een eigen identiteit. Verlegenheid verdwijnt, je durft er te zijn omdat je weet wie je bent: een kind van God! (Romeinen 8: 15)

Vrij van sociale druk

Altijd maar weer je best doen om aardig gevonden te worden, een gewaardeerde positie te bekleden of te voldoen aan (kerkelijke) regels om “goed” bevonden te worden door de mensen. Het mat je af en eist meer dan je kunt geven. Op den duur weet je niet eens meer wie je zelf eigenlijk bent of wilt zijn.
Gods Geest leert ons echter dat je jezelf niet hoeft te bewijzen. Je mag zijn wie je bent! Je bent om geheel andere redenen waardevol voor God: Je bent duur gekocht met het bloed van Zijn Zoon Jezus! (1 Korinthiërs 7: 17-24)

Vrij van schuld en schuldgevoel

God werpt jouw zonden, jouw foute keuzes in dit leven, zo ver van Zich vandaan als het oosten is van het westen. Ze zijn nooit meer terug te vinden (Psalm 103). Jezus vertelt ons een prachtig verhaal over de grote vergeving van God omwille van Zijn medeleven en liefde voor ons (Mattheüs 18: 21-35) Voor God ben je écht vrij van schuld; Hij zal er, dankzij Jezus’ offer, nooit meer op terugkomen! Niemand veroordeelt je meer. En vanuit die rust en vrijheid zal je zelf prachtige vruchten van de Geest kunnen gaan voortbrengen.

Vrij van haat en wrok

God komt nooit meer op onze zonden terug. Maar kunnen wij dat zelf ook? Vanwaar komt toch dat gezegde: Eens een dief, altijd een dief? Wij veroordelen (onszelf en) elkaar juist veel vaker dan dat wij vergeven. En dat veroorzaakt, dat we zélf niet vrij meer zijn, want gekoesterde boosheid leidt tot razernij of neerslachtigheid die ons leven gaat beheersen. En dat geldt ook voor boosheid die zeer terecht is en rechtvaardig!
Is God niet terecht boos op ons als wij zondigen? En toch vergeeft Hij ons omwille van Zijn Zoon. Laat het oordeel dan aan God over, Hij zal zeker rechtvaardig oordelen en Hij heeft weet van jouw pijn en moeite en neemt die zeer serieus. (Openbaring 20: 11-15)
Maar wij, laten wij elkaar liefhebben en leven in vrijheid, zoals Jezus van ons vraagt. (Johannes 13: 34,35)

Onze God is een God van vrijheid

God is al een God van vrijheid vanaf het begin. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de leefregels die Hij aan Israël, Zijn volk, gaf. In Deuteronomium 15 staat dat iedereen elk zevende jaar alle schulden van zijn medebroeders of zusters moest kwijtschelden. Ze hoefden niet meer terug te betalen wat ze geleend hadden! (Deuteronomium 15: 1,2). En ook als iemand zich uit nood als slaaf aan een medebroeder verkocht had, dan moest hem of haar in het zevende jaar de vrijheid teruggegeven worden en zelfs een startkapitaaltje meegegeven worden om weer een eigen leven te kunnen opbouwen in vrijheid. Na zes jaar zwoegen onder schuld of slavernij, was het zevende jaar een jaar van vrijlating.
Dat gold zelfs voor de akkers en wijngaarden, die elk zevende jaar mochten rusten tijdens het Sabbatsjaar. (Leviticus 25: 3,4)
Ook God Zelf rustte op de zevende dag van Zijn scheppingsarbeid. En dat leert Hij ons ook. Wij hoeven geen slaaf te zijn van ons werk. Elke zevende dag maakt Hij ons weer vrij!
En eens, aan het eind van de tijd, als Gods plan met deze wereld volledig voltooid is, zullen wij volkomen mogen rusten, volledig vrij van zorg, angst, faalangst, verlegenheid, sociale druk, schuldgevoel, kwaad, neerslachtigheid, werkdruk en schuld aan God en mensen. (Maleachi 3: 20 en 4: 2) Want Jezus heeft ons van dit alles vrijgekocht door Zijn dood aan het kruis.
Wees dan vrij als kinderen van God, want waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid.


  • -

Levende Woorden

Categorie:Levende Woorden

In de tijd dat er nog een groot te kort aan Bijbels was in China, trok een Chinese evangelist rond om het evangelie te vertellen.

Op een dag moest hij 20 jonge christenen verlaten om het Woord ook aan anderen te gaan brengen, maar hij had geen Bijbel om bij hen achter te laten. Hij maakte zich grote zorgen over deze jonge gemeente; hoe kon ze staande blijven zonder leraar én zonder Bijbel?

Hij nam, op de dag van zijn vertrek, vijf stenen en schreef op iedere steen één Bijbeltekst. Vervolgens wees hij één van de twintig gemeenteleden aan om iedere week één steen te geven aan een medegelovige. Deze medegelovige moest de steen de hele week bij zich dragen. De steen met Bijbeltekst lag naast zijn ontbijtbordje, werd meegenomen in zijn jaszak tijdens het werk en lag ’s nachts onder zijn hoofdkussen.

Na een week moest iedereen bij elkaar komen en mocht de gelovige vertellen wat de Bijbeltekst, die hij de hele week met zich had meegedragen, voor hem was gaan betekenen.
Na meer dan anderhalf jaar kwam de rondtrekkende evangelist terug en vond een bloeiende gemeente!

Tot zover een prachtig verhaal van onze vervolgde broeders en zusters met en prachtige boodschap. Het overdenken van een Bijbeltekst en hem meenemen in je leven, doet een tekst vrucht dragen.

Dat doet het ook bij ons.

Zo is het idee ontstaan om een tekst aan te reiken aan iedereen die mee wil doen. Deze tekst wordt door ieder meegenomen het leven in. Na een paar weken komen we dan bij elkaar om te vertellen wat de Bijbeltekst voor ons is gaan betekenen of om gewoon te luisteren naar wat ze voor anderen is gaan betekenen.

Elke maand reiken we een nieuwe tekst aan om mee te nemen.

De naam van dit initiatief is Levende Woorden; Gods Woord komt immers tot Leven en brengt Leven, als we het zorgvuldig overwegen en bewaren in ons hart.